Artsen hebben de mogelijkheid om geneesmiddelen voor te schrijven op stofnaam of werkzame stof.
Dit wil zeggen dat ze op het voorschrift niet de merknaam maar de naam van het actieve bestanddeel vermelden.
Indien de arts op stofnaam voorschrijft, zal de apotheker geneesmiddelen afleveren die het voordeligst zijn voor de patiënt. De wet zegt dat hij daarbij moet rekening houden met de behoeften van de patiënt op het vlak van de continuïteit van de behandeling, de prijs en de beschikbaarheid van het geneesmiddel. Dat betekent concreet dat de apotheker de geneesmiddelen mag afleveren die de patiënt gewoon is, maar bijvoorbeeld ook dat de patiënt het recht heeft om te vragen naar het goedkoopste geneesmiddel dat aan het voorschrift voldoet.
Deze werkwijze heeft voordelen zowel voor de arts, de apotheker, de patiënt als de ziekteverzekering.
-
De arts moet niet alle merkproducten kennen.
-
De apotheker hoeft niet langer alle versies van een zelfde geneesmiddel in voorraad te hebben en kan voor de patiënt het voordeligste uitzoeken.
-
Aangezien de terugbetaling gebaseerd is op de prijs van het goedkoopste geneesmiddel, vaart ook de ziekteverzekering er wel bij.