Aanmelden
E-mail:

Wachtwoord:

Registreer
Wachtwoord vergeten?
Nieuwsbrief
Navigatie

Griep


Algemeen

Ook gekend als: Influenza

Wat is griep?

Welke zijn de oorzaken?

Wanneer dient u een arts te raadplegen?

Wat kunt u er zelf aan doen?

griep                           




Wat is griep?

Griep, Influenza of seizoensgriep is een plots opkomende infectie van de luchtwegen door een influenzavirus. U heeft last van:

  • plots begin van de ziektesymptomen.
  • koorts (temperatuur boven 38°C).
  • rillingen, hoofdpijn, spierpijn, vermoeidheid.
  • droge hoest, loopneus of verstopte neus, keelpijn.
  • soms maag- en darmlast (vooral bij kinderen).

De meeste klachten verdwijnen na een week. De hoest en vermoeidheid kunnen langer aanhouden. Het is belangrijk 'de griep' te onderscheiden van een banale verkoudheid, waarbij u enkel last heeft van loopneus, niezen, waterige ogen en keelpijn.

Griep kan ernstig zijn. Bij gezonde mensen laat griep meestal weinig sporen na, maar bij risicopersonen (zie verder) kunnen er gemakkelijk verwikkelingen ontstaan die zelfs tot hospitalisatie of sterven kunnen leiden.

 


Welke zijn de oorzaken?

Griep wordt veroorzaakt door het influenzavirus. Het virus verspreidt zich van persoon op persoon door besmette druppeltjes, die worden afgescheiden uit de luchtwegen van een besmet persoon. Deze besmette druppeltjes verspreiden zich door hoesten, niezen of praten. Het neus-handcontact speelt vermoedelijk ook een belangrijke rol in de besmetting. Influenzavirussen kunnen enige tijd overleven op voorwerpen zoals zakdoeken, tafels, glazen enz. Als u zo een voorwerp aanraakt, kunnen de virussen aan de vingers blijven kleven en zo naar de neus of mond worden gebracht.

Het griepvrius verandert zich voortdurend, waardoor er jaarlijks nieuwe stammen ontstaan. Eens om de tien tot twaalf jaar steekt een volledig nieuwe variant van het virus (waar ons afweersysteem nog geen antwoord voor klaar heeft) de kop op. De ziekte kan in die jaren ware ravages onder de wereldbevolking aanrichten.

 


Wanneer dient u een arts te raadplegen?

Soms gaat griep niet vanzelf over. Er kunnen andere ziektes bijkomen die wèl behandeld moeten worden, zoals een longontsteking bijvoorbeeld.

  • Als u kortademig wordt.
  • Als er veel slijm loskomt bij het hoesten of als de hoest langer dan twee weken duurt.
  • Als de koorts langer dan vijf dagen aanhoudt.
  • Als u opnieuw koorts krijgt nadat u koortsvrij bent geweest.
  • Als de keelpijn langer dan zeven dagen aanhoudt of sterk verergert.

Risicopersonen, (zie hierboven),  baby's en kleine kinderen gaan best vanaf de eerste symptomen van griep naar de huisarts.

 


Wat kunt u er zelf aan doen?

Proberen te vermijden dat u besmet raakt of anderen aansteekt is enorm belangrijk.

Risicopersonen laten zich best vaccineren. Hiermee bedoelen we:

  • alle personen ouder dan 65 jaar.
  • personen die in een instelling opgenomen zijn.
  • personen vanaf zes maanden die lijden aan een chronische aandoening van de longen, het hart, de lever, de nieren, aan metabole aandoeningen of aan immuniteitsstoornissen.
  • kinderen tussen 6 maanden en 18 jaar die een langdurige behandeling met aspirine ondergaan.
  • alle personen die werkzaam zijn in de gezondheidssector en in rechtstreeks contact komen met de hierboven vermelde risicopersonen.
  • zwangere vrouwen die tijdens het moment van vaccinatie in het tweede of derde trimester van hun zwangerschap zijn.
  • alle personen tussen 50 en 64 jaar, zelfs indien ze niet aan een risicoaandoening lijden.
  • beroepsfokkers van gevogelte en varkens en hun familieleden die onder hetzelfde dak wonen en personen die door hun beroep dagelijks in contact komen met levend gevogelte en levende varkens.
Het griepvaccin wordt gekweekt op cellen van kippenembryo's. Mensen met een ei-allergie kunnen daarom allergisch reageren op het vaccin.

Was regelmatig uw handen. Zo beschermt u zich tegen rechtstreeks en onrechtstreeks contact met het griepvirus.

  • Onder rechtstreeks contact bedoelen we bijvoorbeeld een hand geven aan een besmet persoon die zijn mond of neus heeft aangeraakt.
  • Onder onrechtstreeks contact verstaan we het aanraken van bijvoorbeeld een deurknop, een kraan of zakdoekje dat werd gebruikt door een besmet persoon.

Bedek uw mond en uw neus met een papieren zakdoekje wanneer u niest.
Gooi u zakdoekjes zorgvuldig weg, liefst in een afgesloten vuilbak.
Heeft u geen zakdoekje bij de hand, bedek dan uw mond en uw neus en was onmiddellijk daarna uw handen.

Maak voorwerpen zoals deurklinken en speelgoed regelmatig schoon. Gebruik warm water met een allesreiniger.
Was regelmatig het beddengoed en eventueel stoffen speelgoed op 60°C.
Ventileer woon- en slaapruimten.

Blijf thuis als u ziek bent. U bent het meest besmettelijk vlak nadat de symptomen zich hebben ontwikkeld. U kan anderen nog vijf dagen lang aansteken.

Als u toch besmet bent 

  • Drink veel water. Zo voorkomt u dat u uitdroogt.
  • Rust voldoende. Vermijd lichamelijke inspanning.
  • Voorkom afkoeling als u naar buiten gaat. Kleed u al naargelang het weer.

Wat kan de apotheker voor u doen?

  • Pijnstillers op basis van paracetamol verlagen de koorts en pakken de spier- en keelpijn aan. Vraag raad aan uw apotheker voor een aangepaste dosis.
  • Een hoestremmer (dextromethorphan, codeine of noscapine) stilt storende hoest.
  • Een neusspray kan verlichting geven bij een verstopte neus.
  • Zuigtabletten voor de keel, keelsprays of keelbalsems verzachten de keelpijn.
 
 Vraag steeds het advies van uw arts en/of apotheker!

Aanverwante ziektebeelden: Verkoudheid